Ruimte, Tijd en Kennis

33.02

Met de Engelse uitgave van Time Space Knowledge werd in 1977 een baanbrekende visie gelanceerd die sindsdien door veel westerse beoefenaars en ook op scholen en universiteiten bestudeerd en beoefend wordt.

Ruimte, Tijd en Kennis geeft een visionair inzicht in de essentie van het bestaan. Deze visie vormt een synthese tussen spirituele tradities, meditatie, filosofie, moderne fysica en psychologie.

Behalve een theoretische benadering bevat deze visie ook de uitdaging om onze grenzen en beperkingen te openen voor een ruimer perspectief op de werkelijkheid. Vijfendertig praktische oefeningen maken het mogelijk om ruimte, tijd en kennis zelf te ervaren.

Description

‘Ruimte’, ‘tijd’ en ‘kennis’ zijn vertrouwde waarden waarvan de betekenis echter, in deze volgorde, de neiging heeft steeds ongrijpbaarder te worden. In het gewone spraakgebruik wordt ‘ruimte’ geïdentifi ceerd met een continue uitgestrektheid, die gezien wordt als leegte of als iets wat dingen bevat, of het nu kleine stofdeeltjes zijn, groepen van melkwegstelsels of zelfs het heelal als geheel. ‘Tijd’ wordt vaag geïnterpreteerd als een
overgang van het verleden naar de toekomst, of als een medium waarin gebeurtenissen in die richting wijzen, zodat wij kunnen spreken van een vloed of stroom van tijd, of van ons gewaarzijn dat in en door tijd wordt meegevoerd. Maar deze interpretatie bevat te veel tegenstellingen om van enig nut te zijn. Met ‘kennis’ is het zelfs nog slechter gesteld; zij kan verwijzen naar een bekendheid die door ervaring verkregen is; naar de hoeveelheid
informatie die iemand bezit; naar een theoretisch of praktisch begrip; en wanneer iemand fi losofi sch is georiënteerd, naar dat wat niet een mening is. Dit subtiele onderscheid tussen kennis en mening vormt echter onmiddellijk een werkelijke bedreiging voor de gewone bekendheid, omdat onze vertrouwdheid met dingen misschien niets méér is dan een mening waarvan juist verondersteld wordt dat kennis die bestrijdt en overwint. Maar
hoe zit het wanneer die overwinning slechts een vermomming is van een andere mening? Wij moeten ons beslist bevrijden van de ketenen van zulke vertrouwde eigenschappen als ‘tijdsduur’, ‘omvang’ en ‘plaats’, die wij tegenkomen in de dingen van het heelal en in onszelf. Op een of andere manier lijken deze eigenschappen de structuur van het heelal te zijn (in tegenstelling tot de subjectieve gevangenis van de zogenaamde secundaire kwaliteiten) en door ze op deze manier te beschouwen hebben wij ze abstract gemaakt, onafhankelijk van de dingen waarvan ze de eigenschappen zijn. Het is waar, wij hebben onszelf van het vertrouwde losgemaakt, maar we hebben ons tegelijkertijd vastgeketend aan het abstracte, of, zoals men deze nieuwe ketting graag noemt, het absolute (met of zonder hoofdletter):

Het maakt totaal geen verschil of men geketend wordt door een ketting van goud of een touw van stro.

Download

Hoofdstuk 1 De aanwezigheid van ruimte – openheid en gesloten oppervlakken